Informatie voor hulpverleners

Mensen met Gender Disappointment hebben last van schaamte- en schuldgevoelens. Zij hebben vaak al ervaren dat hun gevoelens veroordeelt worden door de omgeving en voelen zich vaak alleen staan in hun verdriet. Uit onderzoek blijkt dat veel mensen bang zijn dat een hulpverlener niet zal begrijpen waar zij het zo moeilijk mee hebben en misschien denkt dat zij overdrijven. Daarom zal Gender Disappointment meestal niet zomaar ter sprake komen tijdens een consult. Het is belangrijk dat er bij hulpverleners meer begrip komt voor wat deze mensen ervaren zodat zij beter geholpen kunnen worden.

Hulpverleners kunnen laten merken dat zij openstaan voor de gevoelens van hun patiënt door het onderwerp zelf ter sprake te brengen: wat vinden de ouders ervan dat er (weer) een jongetje of meisje komt? Laat ouders weten dat Gender Disappointment vaker voorkomt en dat er informatie over dit onderwerp te vinden is. Door het onderwerp bespreekbaar te maken zal het langzaam maar zeker uit de taboesfeer verdwijnen.

In sommige gevallen is meer gespecialiseerde hulp noodzakelijk. Er kan dan gedacht worden aan een doorverwijzing naar de POH-GGZ (praktijkondersteuner huisarts voor geestelijke gezondheidszorg), de POPpoli of de Generalistische Basis GGZ.

Tips voor hulpverleners:

-Breng het onderwerp ter sprake.

-Veroordeel niet, maar luister.

-Geef erkenning voor het gevoel van de patiënt en laat weten dat hij/zij niet de enige is. Ga in op het verdriet, benoem dat er gerouwd wordt om iets wat nooit zal zijn, niet om het kindje dat er is of gaat komen.

-Adviseer mensen om hun gevoelens te delen met een naaste als zij dat nog niet gedaan hebben.

-De belangrijkste thema's zijn angst, schaamte, rouw en schuldgevoel.